• DVS-TV & DVS-Video

  • Top-en Hoofdsponsors
  • Eerstvolgende wedstrijd
  • Verenigingsponsors
  • Snelkoppelingen
  • Maatschappelijk Partner
  • #WijZijnDVS

voeg je eigen gadgets toe aan deze pagina!

Tuchtregelement

Tuchtreglement DVS’33 Ermelo

1. Inleiding
De KNVB heeft duidelijk beleid ontwikkeld met als doel goed en sportief gedrag op en rond voetbalvelden te stimuleren en verkeerd gedrag tegen te gaan. De straffen die de KNVB daarbij oplegt variëren van schorsingen, geldboetes, het in mindering brengen van wedstrijdpunten, het terugzetten van teams naar een lagere klasse / afdeling tot in het ergste geval het royeren van een vereniging. Het bestuur van DVS’33 Ermelo staat volledig achter dit beleid en heeft besloten om bij het signaleren en aantreffen van calamiteiten binnen de vereniging eveneens duidelijk op te treden en passende straffen op te leggen naast de maatregelen van de KNVB.

Normen en waarden bij de beoefening van de voetbalsport vindt het bestuur van DVS’33 Ermelo erg belangrijk. DVS’33 Ermelo wil actief werken aan de bewustwording bij spelers, (bege)leiders, trainers, (club)scheidsrechters, supporters en ouders/verzorgers op dit vlak. Dit vraagt om duidelijke afspraken voor de manier waarop we samen aan sport willen doen. Die afspraken noemen we gedragscode.

Er zal adequaat worden opgetreden tegen leden, vrijwilligers en supporters die, door zich niet te houden aan de gedragscode, de goede naam van DVS’33 Ermelo in diskrediet brengen. Ook bij diefstal en vernielingen in- en rond onze en/of andere accommodaties zullen maatregelen worden genomen en de kosten worden verhaald op de daders. Het bestuur hoopt echter dat het zover niet zal komen. Daar waar sprake is van wangedrag wordt gehandeld volgens het tuchtreglement.

DVS'33 Ermelo neemt via dit tuchtreglement een standpunt in over het feit dat wangedrag van leden op het sportpark en daar buiten, wangedrag van supporters van DVS’33 Ermelo – niet zijnde leden – en wangedrag van bezoekers van het sportpark niet gewenst is en gesanctioneerd dient te worden.
  • Het tuchtreglement is opgesteld door het bestuur en is vastgesteld door de Ledenvergadering tijdens de vergadering van 8 november 2013.
  • Het tuchtreglement en de tuchtcommissie zijn ingesteld op grond van artikel 6 (Straffen) en artikel 12 (Besluiten van organen van de vereniging) van de statuten van DVS’33 Ermelo.
  • Het tuchtreglement is gebaseerd op twee belangrijke beleidsprincipes, namelijk ‘zero tolerance’ en ‘lik op stuk’.
  • Het tuchtreglement geldt voor voetbal in verenigingsverband door jeugd en senioren en voor alle activiteiten van vrijwilligers en derden die in opdracht van DVS’33 Ermelo werkzaam zijn voor DVS'33 Ermelo. Hierbij wordt rekening gehouden met de regels van de KNVB voor het toepassen van sancties op leden die via DVS'33 Ermelo lid zijn van de KNVB.
  • Het feit dat er een tuchtcommissie werkzaam is, ontslaat ieder lid, kaderlid, vrijwilliger of bezoeker van het complex niet van de plicht om elkaar aan te spreken op geconstateerde gedragingen, die niet passen binnen de normen en waarden, zoals deze gehanteerd worden bij DVS’33 Ermelo en in de normale omgang met elkaar gangbaar zijn in het normale rechtsverkeer.
  • Bestuur en vereniging verwachten met dit tuchtreglement een wezenlijke bijdrage te leveren om wangedrag op en rondom de velden te voorkomen en terug te dringen. Cruciaal hierin is de rol van elk lid van DVS’33 Ermelo. Van belang hierbij is tevens een goede communicatie en een goed draagvlak onder alle geledingen binnen de vereniging voor de ‘normen en waarden’ die DVS’33 Ermelo als voetbalvereniging belangrijk vindt en die zijn vastgelegd in de gedragscode van DVS’33 Ermelo.
2. Werkingssfeer tuchtreglement
  1. Alle leden van DVS’33 Ermelo, de leden van de Supportersvereniging Geel Zwart en de sponsorleden van de Businessclub van DVS'33 Ermelo zijn onderworpen aan de tuchtrechtspraak krachtens dit reglement.
  2. Alle supporters 1 van DVS’33 Ermelo, niet zijnde de leden zoals bedoeld in lid 1, zijn onderworpen aan de tuchtrechtspraak krachtens dit reglement.
  3. Alle bezoekers van het sportpark van DVS’33 Ermelo, niet zijnde de leden zoals bedoeld in lid 1, zijn onderworpen aan de tuchtrechtspraak krachtens dit reglement. Bezoekers van het sportpark worden beschouwd diegenen die zich bevinden binnen de hekken waarmee het sportpark wordt afgesloten.
  4. Het tuchtreglement is van toepassing op wangedrag, te weten: zodanig handelen of nalaten dat in strijd is met de wet, dan wel met de statuten, reglementen, gedragscode en/of besluiten van de vereniging waardoor de belangen van de vereniging worden geschaad en zodanig handelen of nalaten, dat in strijd is met de wedstrijdbepalingen, statuten, reglementen en/of besluiten van organen van de KNVB of waardoor de belangen van de KNVB of de voetbalsport in het algemeen worden geschaad.
  5. Dit tuchtreglement heeft alleen betrekking op het wangedrag van de in de leden 1, 2 en 3 genoemde personen die bij activiteiten die door, namens en/of in naam van DVS’33 Ermelo plaatsvinden in de vorm van:
    • spelovertredingen in wedstrijden (die een gele of rode kaart tot gevolg kunnen hebben);
    • misdragingen in wedstrijden en trainingen;
    • misdragingen buiten wedstrijden en trainingen. Hieronder vallen onder meer ook het wangedrag bij het bezoeken en bekijken van wedstrijden en trainingen, wangedrag tijdens niet-voetbal activiteiten en bijeenkomsten, wangedrag op en rondom het complex van DVS’33 Ermelo en wangedrag op en rond het complex van een andere vereniging.
  6. Indien de KNVB het wangedrag sanctioneert is het tuchtreglement niet van toepassing, tenzij het bestuur het in het belang van de vereniging acht dat de tuchtcommissie een uitspraak doet en/of (ook) een sanctie vaststelt en uitspreekt.
  7. Elk lid van DVS’33 Ermelo is gehouden zijn/haar medewerking te verlenen aan de uitvoering van dit tuchtreglement, waaronder begrepen het verschijnen op oproepingen van bestuur, tuchtcommissie en door de tuchtcommissie ingeschakelde derden, het geven van antwoord op vragen van bestuur en tuchtcommissie, het bekend maken van de identiteit van personen die door het bestuur als verdachte van het plegen van wangedrag worden aangemerkt en alles na te laten dat de uitvoering van het tuchtreglement verhindert.
1 Als supporters van DVS'33 Ermelo worden beschouwd degenen die aanwezig zijn op het sportpark en die daarbij met uitingen en gedragingen uiting geven aan betrokkenheid bij DVS'33 Ermelo en/of een team van DVS’33 Ermelo en tevens degenen die op de dag een uitwedstrijd van een team van DVS'33 Ermelo aanwezig zijn op het sportpark van de ontvangende vereniging alwaar dat team van DVS'33 Ermelo die dag een uitwedstrijd speelt.
 
3. Nadere omschrijvingen wangedrag
  1. Een spelovertreding is een lichte vorm van niet opzettelijk wangedrag in de vorm van een normale spelovertreding die ook als zodanig wordt beschouwd in de voetbalregels van de KNVB.
  2. Een misdraging is een opzettelijke vorm van wangedrag in woord, gebaar en/of daad. Hieronder vallen onder meer:
    • Schelden, beledigen, discriminerende uitspraken doen, obscene of discriminerende gebaren maken, spugen, pesten, (seksuele) intimidatie en dreigen met geweld;
    • Fysiek geweld plegen door slaan, schoppen, elleboogstoot, kopstoot, etc, waardoor een ander pijn of letsel heeft;
    • Fysiek geweld plegen door het bewust opzettelijk onderuit halen van de tegenstander, terwijl bewust op een deel van het lichaam van de tegenstander wordt gespeeld;
    • Veroorzaken van gevaarlijke en/of levensbedreigende situaties en/of het aanzetten tot agressie;
    • Veroorzaken van bekladdingen (graffiti) en rommel/troep;
    • Vernielen of stelen van clubeigendommen en/of andermans eigendommen;
    • Het niet houden aan de regels in de gedragscode;
    • Het niet houden aan de regels die door de Algemene Vergadering, bestuur, jeugdbestuur en kaderleden zijn ingesteld, welke dienen ter algemeen nut van de vereniging en haar leden en/of het elftal waarin het lid speelt en/of de commissie waarvan het lid deel uit maakt;
    • Niet beschreven vormen van wangedrag, dit naar het oordeel van de tuchtcommissie.
  3. Wangedrag is ook handelen in strijd met artikel 2 lid 7 van dit tuchtreglement.
4. Tuchtcommissie
  1. De tuchtcommissie bestaat uit vier personen die worden benoemd door het bestuur van DVS'33 Ermelo. Het bestuur benoemt de leden van de tuchtcommissie in de functie van voorzitter, secretaris en twee algemene leden van de tuchtcommissie. Een algemeen lid kan in een procedure de secretaris vervangen. De leden van de tuchtcommissie zijn geen lid van DVS’33 Ermelo. De leden van de tuchtcommissie worden benoemd voor een termijn van drie jaar en kunnen na afloop van deze termijn van drie jaar telkens worden herbenoemd voor een nieuwe periode van drie jaar. Het bestuur kan de leden van de tuchtcommissie ontslaan op zwaarwegende gronden.
  2. De tuchtcommissie heeft tot taak om uitvoering te geven aan het tuchtreglement. Hierbij houdt de tuchtcommissie rekening met de statuten, reglementen, gedragscode en besluiten van de vereniging. Ook wordt rekening gehouden met de regels van de KNVB en met de normen en waarden, zoals deze in het normale rechtsverkeer van toepassing zijn.
  3. De tuchtcommissie is op grond van statuten (artikel 6 en artikel 12) en het onderhavige tuchtreglement bevoegd tot het bepalen van de sancties aan elk van de in artikel 2 lid 1, 2 en 3 bedoelde personen, indien met zich schuldig maakt aan wangedrag. De tuchtcommissie formuleert de sanctie als zwaarwegend advies aan het bestuur. Het bestuur legt vervolgens de sanctie op aan degene die zich schuldig maakt aan wangedrag.
  4. De tuchtcommissie komt zo vaak bijeen als nodig is. De voorzitter bepaalt datum, tijdstip en locatie van de zitting en wijst de overige twee leden, waaronder de secretaris, van de tuchtcommissie aan. De door de voorzitter benoemde leden kunnen zich tot aan de uitspraak van de tuchtcommissie niet laten vervangen door een ander lid. Een zitting wordt in principe belegd binnen veertien kalenderdagen na het doorzenden van de melding door het bestuur. Een zitting van de tuchtcommissie kan alleen doorgang vinden indien de voorzitter en de door de voorzitter aangewezen twee leden aanwezig zijn. Indien een zitting wegens verhindering aan de zijde van de tuchtcommissie niet mogelijk is, wordt in ieder geval binnen veertien dagen een nieuwe datum voor de zitting bepaald.
  5. De tuchtcommissie is verantwoordelijk voor:
    • In behandeling nemen van een melding die wordt aangedragen door het bestuur;
    • Uitvoeren feitenonderzoek, met hoor en wederhoor van het betrokken lid en eventueel andere personen en schriftelijk vastleggen van het wangedrag en de bevindingen;
    • Toetsen van het (wan)gedrag aan wet, statuten, gedragscode, verenigingsbesluiten en algemeen aanvaarde waarden en normen;
    • Sanctie vaststellen en schriftelijk met motivatie meedelen aan het bestuur.
  6. Het bestuur is verantwoordelijk voor:
    • Sanctie opleggen en schriftelijk meedelen aan het lid, en ouders/verzorgers bij een jeugdlid en andere belanghebbenden. Hierbij wordt melding gemaakt van de beroepsmogelijkheid;
    • Uitspreken van de sanctie;
    • Naleving van het tuchtbesluit controleren;
    • Opheffen van een sanctie.
  7. Indien een lid, familielid of huisgenoot van een lid van de tuchtcommissie onderwerp van bespreking is, dan wordt dat lid van de tuchtcommissie uitgesloten van de vergadering waarin zijn zaak wordt behandeld. De tuchtcommissie zal in dat geval zorgdragen voor vervanging van dat lid.
  8. De tuchtcommissie voert een overzichtelijke administratie waarin alle tuchtzaken, bevindingen en beslissingen geadministreerd staan.
  9. De tuchtcommissie brengt jaarlijks schriftelijk verslag uit aan het bestuur over haar activiteiten in het betreffende jaar. Het verslagjaar loopt gelijk met het verslagjaar van de vereniging.
  10. 1De tuchtcommissie gaat vertrouwelijk om met de persoonlijke gegevens en omstandigheden van degenen die zijn aangeklaagd.
5. Aanvang procedure tuchtcommissie
  1. De procedure bij de tuchtcommissie vangt aan indien bij het bestuur een redelijk vermoeden van schuld aan het plegen van wangedrag door één van de in artikel 2 lid 1, 2 en 3 bedoelde personen (de aangeklaagde) is ontstaan en het bestuur van dit vermoeden schriftelijk melding maakt aan de tuchtcommissie. Betreft de aangeklaagde een minderjarige dan zal het bestuur de melding aan de tuchtcommissie niet eerder doen dan nadat het bestuur de ouders of verzorgers van de minderjarige heeft geïnformeerd over het voorgenomen besluit tot indiening van de melding en in de gelegenheid hebben gesteld daarover te worden gehoord. Na het horen van de ouders of verzorgers van de betrokken minderjarige besluit het bestuur    of de melding wordt ingediend bij de tuchtcommissie met inachtneming van hetgeen de ouders of verzorgers in het kader van het horen naar voren hebben gebracht.
  2.  
    • Leden en niet-leden kunnen een zaak van mogelijk wangedrag aandragen door het bestuur schriftelijk of mondeling te melden dat er sprake is (geweest) van wangedrag binnen één jaar na de dag waarop het wangedrag heeft plaats gevonden.
    • Het bestuur bepaalt binnen zeven dagen na ontvangst of deze melding van een lid of niet-lid kennelijk ongegrond is. Het bestuur kan een melding kennelijk ongegrond verklaren indien de melding onvoldoende met feiten en omstandigheden is onderbouwd of indien de melding is ingediend na het verstrijken van de periode van één jaar. Indien het bestuur besluit dat de melding kennelijk ongegrond is, deelt het bestuur dit besluit schriftelijk aan de melder mee. De melder kan van deze beslissing in verzet bij de tuchtcommissie (zie lid 4 van dit artikel).
    • Indien de melding niet kennelijk ongegrond wordt geacht bevestigt het bestuur dat binnen zeven dagen na melding schriftelijk aan de melder en deelt het bestuur aan de melder mee met welke formulering de melding schriftelijk aanhangig is gemaakt bij de tuchtcommissie (aanklacht) en informeert melder over de te voeren procedure.
    • Melder kan binnen vijf dagen na dagtekening van de bevestiging het bestuur verzoeken de formulering van de melding aan de tuchtcommissie te wijzigen. Het bestuur beslist binnen zeven dagen of aan dat verzoek wordt voldaan en maakt deze beslissing direct schriftelijk kenbaar aan melder.
    • De melder kan aangeven of hij/zij in de verdere procedure anoniem wil blijven. Indien de melder anoniem wenst te blijven beslist het bestuur of de melding wordt doorgezonden aan de tuchtcommissie en maakt het bestuur melding van deze beslissing aan de melder.
    • Het bestuur kan aan de melder een vertrouwenspersoon toewijzen.
  3. De melding van het bestuur aan de tuchtcommissie bevat tenminste:
    • Een omschrijving van de verdenking en van de feiten en omstandigheden waarop deze verdenking is gebaseerd en een verslag van het onderzoek tot vaststelling van de identiteit van de verdachte;
    • Naam, geboortedatum en adresgegevens van de aangeklaagde en vermelding onder welke categorie van personen zoals bedoeld in artikel 2 lid 1, 2 en 3 de aangeklaagde valt en indien de aangeklaagde een minderjarige is een verslag van het horen van de ouders of verzorgers van de aangeklaagde;
    • Datum, tijdstip en locatie van de gedraging waarop de verdenking betrekking heeft;
    • Een suggestie voor een sanctie ingeval de aanklacht bewezen wordt verklaard;
    • Dagtekening.
    • Indien niet is voldaan aan het gestelde in het derde lid, wordt het bestuur in de gelegenheid gesteld het verzuim binnen twee weken te herstellen. Is dan ook nog niet voldaan aan het gestelde in het derde lid, dan kan de melding niet ontvankelijk worden verklaard. De melding wordt tevens niet ontvankelijk verklaard indien de tuchtcommissie van oordeel is dat de omschreven verdenking niet strafbaar is. De tuchtcommissie is het enige orgaan binnen de vereniging dat vaststelt of er sprake is van strafbaar wangedrag in welke vorm dan ook. De tuchtcommissie is tot de hoorzitting bevoegd de aanklacht ambtshalve te wijzigen.
  4. Het verzet tegen een beslissing van het bestuur tot kennelijke ongegrondverklaring van een melding van wangedrag zoals bedoeld in lid 2 sub b. en de intrekking van de melding door het bestuur zoals bedoeld in artikel 6 lid 3 wordt door de melder zoals bedoeld in lid 2 sub a. schriftelijk ingediend bij de tuchtcommissie. Het verzetschrift bevat de datum van de melding van wangedrag aan het bestuur, een korte weergave van het wangedrag en de gronden van verzet. In een dergelijk geval zal de tuchtcommissie contact opnemen met het bestuur voor overleg en advies.

6. Procedure
  1. Na ontvangst van de melding deelt de tuchtcommissie het bestuur en de aangeklaagde binnen vijf werkdagen schriftelijk mee dat zij een melding onderzoekt. De tuchtcommissie stelt het bestuur schriftelijk op de hoogte van een verzet zoals bedoeld in artikel 5 lid 4. De aangeklaagde wordt op de hoogte gesteld van de inhoud van de melding, doordat aan aangeklaagde een kopie van de melding van het bestuur wordt gezonden. De aangeklaagde wordt op de hoogte gesteld van de wijziging van de aanklacht door de tuchtcommissie ingevolge artikel 5 lid 3 laatste volzin, doordat aan aangeklaagde de gewijzigde aanklacht wordt toegezonden. Indien aangeklaagde lid is kan het bestuur het lid tot de uitspraak van de tuchtcommissie schorsen en/of hem/haar de toegang tot het sportpark van DVS’33 Ermelo ontzeggen en hem/haar verbieden binnen de hekken van het sportpark aanwezig te zijn. Indien aangeklaagde geen lid is kan het bestuur aangeklaagde tot de uitspraak van de tuchtcommissie de toegang tot het sportpark van DVS’33 Ermelo ontzeggen en hem/haar verbieden binnen de hekken van het sportpark aanwezig te zijn.
  2. Aangeklaagde kan zich laten bijstaan of laten vertegenwoordigen door een gemachtigde en deelt dat binnen vijf dagen na ontvangst van de melding mee aan de tuchtcommissie.
  3. Indien het bestuur tijdens de procedure bij de tuchtcommissie de melding intrekt, deelt de tuchtcommissie dit aan de aangeklaagde mee. Indien de melding door het bestuur is ingediend na de melding zoals bedoeld in artikel 5 lid 2 deelt het bestuur de intrekking mee aan de melder. De melder kan van deze beslissing in verzet bij de tuchtcommissie (artikel 5 lid 4).
  4. Aangeklaagde wordt door de tuchtcommissie in de gelegenheid gesteld binnen veertien dagen na verzending van de melding schriftelijk verweer te voeren tegen de verdenking.
  5. De tuchtcommissie is in verband met de voorbereiding van de behandeling van de melding bevoegd alle gewenste inlichtingen in te winnen. Zij kan daartoe getuigen horen en deskundigen inschakelen en hen zo nodig uitnodigen voor de hoorzitting.
  6. De voorzitter bepaalt plaats en tijdstip van de hoorzitting tijdens welke de aangeklaagde tijdens een niet-openbare vergadering in de gelegenheid wordt gesteld te worden gehoord. De hoorzitting vindt plaats binnen vier weken na ontvangst van de melding. Aangeklaagde wordt door de tuchtcommissie per brief of mailbericht opgeroepen om tijdens de hoorzitting te verschijnen. Aangeklaagde kan de tuchtcommissie tot vijf werkdagen voor de hoorzitting verzoeken tijdens de hoorzitting getuigen en deskundigen te horen. Aangeklaagde kan tijdens de hoorzitting aan de tuchtcommissie een gemotiveerd verzoek doen om de uitspraak van de tuchtcommissie niet openbaar te maken. De tuchtcommissie beslist op de door aangeklaagde ingediende verzoeken en deelt aangeklaagde de beslissing op deze verzoeken voorafgaand aan de hoorzitting mee.
  7. Van het horen van de aangeklaagde kan worden afgezien indien de aangeklaagde schriftelijk heeft verklaard geen gebruik te willen maken van het recht te worden gehoord.
  8. De voorzitter van de tuchtcommissie bepaalt de orde tijdens de zitting.
  9. Het verslag wordt ondertekend door de voorzitter en de secretaris van de tuchtcommissie.
  10. De tuchtcommissie beraadslaagt intern en neemt een besluit. De tuchtcommissie doet uitspraak binnen twee weken nadat de zitting heeft plaatsgevonden. Deze termijn kan met twee weken worden verlengd. Deze verlenging meldt de tuchtcommissie met redenen omkleed aan de aangeklaagde en het bestuur.
  11. De uitspraak bevat:
    • Naam en geboortedatum van aangeklaagde;
    • Een verslag van de zitting, met vermelding van de namen en de functie van de aanwezigen, de beslissingen van de tuchtcommissie op de door aangeklaagde voorafgaand aan de hoorzitting ingediende verzoeken en een zakelijke weergave van wat over en weer is gezegd;
    • Een omschrijving van de aanklacht;
    • De bewezenverklaring en/of (gedeeltelijke) vrijspraak van de aanklacht;
    • De bewijsmiddelen die door de tuchtcommissie zijn gebruikt tot bewezenverklaring van de aanklacht;
    • De vastgestelde sanctie, en ingeval de sanctie voorwaardelijk is vastgesteld, de duur van de proeftijd en de aan de voorwaardelijke straf verbonden voorwaarden;
    • Datum van de uitspraak;
    • De mogelijkheid beroep aan te tekenen.
  12. De uitspraak wordt per aangetekende brief toegezonden naar aangeklaagde en het bestuur.
  13. Het bestuur legt de sanctie op, conform de uitspraak van de tuchtcommissie en deelt dit besluit binnen zeven dagen per aangetekende brief mee aan de aangeklaagde en de tuchtcommissie.

7. Sancties
  1. De tuchtcommissie is bevoegd om de volgende onvoorwaardelijke en (gedeeltelijk) voorwaardelijk sancties vast te stellen:
    • Geldboete met een maximum van €1000,00;
    • Schorsing van het deelnemen aan wedstrijden en trainingen;
    • Taakstraf;
    • Een sportparkverbod, voor een bepaald aantal thuiswedstrijden van het eerste elftal of voor een bepaalde periode met vermelding van begindatum en einddatum;
    • Het betalen van een schadevergoeding aan de benadeelde;
    • Combinatie van voornoemde sancties.
    • De tuchtcommissie stelt vast of er sprake is van een lichte of zware misdraging en bepaalt mede aan de hand daarvan de strafmaat.
    • De tuchtcommissie kan de aangeklaagde schuldig zonder straf verklaren.
    • De tuchtcommissie kan daarnaast het bestuur adviseren om het lid te royeren.
  2. Een schorsing is een tijdelijke beperking van het lidmaatschap doordat de aangeklaagde wordt uitgesloten van deelname aan wedstrijden, trainingen, vergaderingen en/of andere verenigingsactiviteiten. De tuchtcommissie bepaalt de aard van de schorsing en hoe vaak (frequentie) en/of hoe lang (tijdsduur) de schorsing geldt. Een schorsing kan ten hoogste voor de duur van één jaar worden opgelegd. Gedurende de periode dat een lid is geschorst, kunnen de aan het lidmaatschap verbonden rechten niet of slechts gedeeltelijk worden uitgeoefend. Het lid heeft het recht om in beroep te gaan tegen een schorsing. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid voorlopig geschorst. De opgelegde schorsing is gedurende de beroepstermijn van kracht en moet uitgevoerd en opgevolgd worden. Een spelend lid dat geschorst wordt, wordt geacht in de rol van ‘toeschouwer’ bij de wedstrijden en trainingen van zijn of haar elftal te zijn, tenzij het bestuur het lid de toegang tot het sportpark van DVS’33 Ermelo ontzegd heeft. Indien een lid de toegang tot het sportpark wordt ontzegd is het lid verplicht een gelijkende pasfoto in te leveren bij het bestuur. Het is het bestuur toegestaan de foto te verstrekken aan degenen die belast zijn met de ordebewaking op het sportpark.
  3. De tuchtcommissie kan een taakstraf opleggen. Een taakstraf bestaat uit het onbetaald verrichten van werkzaamheden gedurende een aantal uren die door het lid uitgevoerd moeten worden ten behoeve van de vereniging. De tuchtcommissie kan de volgende taakstraffen opleggen:
    • Uitvoeren van barwerkzaamheden;
    • Uitvoeren van schoonmaakwerkzaamheden (complex, kantine, kleedkamers);
    • Uitvoeren van ondersteunende diensten voor dienstdoende kaderleden;
    • Vervoeren van spelers naar wedstrijden (chauffeursdiensten);
    • Fluiten van wedstrijden (clubscheidsrechters);
    • Trainen en begeleiden van elftallen;
    • Andere werkzaamheden, nader te bepalen door de tuchtcommissie.
    • De tuchtcommissie bepaalt de aard van de taakstraf en het aantal uren van de taakstraf. Een taakstraf kan ten hoogste voor de duur van 80 uur worden opgelegd.
  4. Indien de tuchtcommissie een sanctie voorwaardelijk oplegt, stelt de tuchtcommissie daarbij de duur van de proeftijd, alsmede de voorwaarden verbonden aan de voorwaardelijke sanctie vast. Indien de veroordeelde zich tijdens de proeftijd níet aan de voorwaarden houdt, zal de sanctie worden tenuitvoergelegd op de wijze zoals voorzien in artikel 8 en 9. het bestuur stelt vast of een veroordeelde zich niet aan de voorwaarden heeft gehouden.

8. Tenuitvoerlegging van sancties aan leden
  1. Het bestuur is gehouden de uitspraken van de tuchtcommissie ten uitvoer te leggen.
  2. Tegen leden uitgesproken geldboetes worden ten uitvoer gelegd doordat het bestuur die leden binnen veertien dagen na de uitspraak van de tuchtcommissie schriftelijk verzoekt de geldboete te betalen op een door het bestuur aan te geven wijze. Betaalde boetes komen ten goede aan de clubkas. Indien het lid aan het bestuur een automatisch incasso heeft afgegeven wordt de boete geïnd door middel van deze automatische incasso.
  3. Tegen leden uitgesproken schorsingen en sportparkverboden worden ten uitvoer gelegd doordat het bestuur die leden binnen veertien dagen na de uitspraak van de tuchtcommissie schriftelijk per aangetekende brief de gevolgen van de schorsing aanzegt.
  4. Tegen leden uitgesproken taakstraffen worden ten uitvoer gelegd doordat het bestuur die leden binnen veertien dagen na de uitspraak van de tuchtcommissie schriftelijk oproept voor een gesprek tijdens welke de afspraken over de tenuitvoerlegging van de taakstraf te maken, waarbij geldt dat de taakstraf binnen zes maanden volledig moet zijn verricht.
  5. Indien leden weigeren te voldoen aan de door de tuchtcommissie uitgesproken sancties zullen de leden worden geroyeerd, waarbij een opgelegde geldboete verschuldigd blijft. Het bestuur kan ter inning van de boete het lid zonder nadere aankondiging dagvaarden voor de civiele rechter.

9. Tenuitvoerlegging van sancties aan niet-leden
  1. Het bestuur is gehouden de uitspraken van de tuchtcommissie ook tegen niet-leden ten uitvoer te leggen.
  2. Tegen niet-leden uitgesproken geldboetes worden ten uitvoer gelegd doordat het bestuur die niet-leden binnen veertien dagen na de uitspraak van de tuchtcommissie schriftelijke verzoekt de geldboete te betalen op een door het bestuur aan te geven wijze. Betaalde boetes komen ten goede aan de clubkas.
  3. Tegen niet-leden uitgesproken sportparkverboden worden ten uitvoer gelegd doordat het bestuur die niet-leden binnen veertien dagen na de uitspraak van de tuchtcommissie schriftelijk per aangetekende brief de gevolgen van het verbod aanzegt.
  4. Tegen niet-leden uitgesproken taakstraffen worden ten uitvoer gelegd doordat het bestuur die niet-leden binnen veertien dagen na de uitspraak van de tuchtcommissie schriftelijk oproept voor een gesprek tijdens welke de afspraken over de tenuitvoerlegging van de taakstraf te maken, waarbij geldt dat de taakstraf binnen zes maanden volledig moet zijn verricht.
  5. Indien niet-leden weigeren te voldoen aan de door de tuchtcommissie uitgesproken sancties zullen de niet-leden worden aangezegd dat zij zich tot het moment dat zij hebben voldaan aan de sanctie niet mogen begeven op het sportpark van DVS’33 Ermelo.

10. Beroepsmogelijkheid
Een lid kan tegen de door de tuchtcommissie uitgesproken en de door het bestuur opgelegde sanctie in beroep gaan bij de commissie van beroep, zoals bedoeld in artikel 6 (Straffen), lid 6 van de statuten van DVS'33 Ermelo, binnen vier weken na dagtekening van de uitspraak.

Dit beroep dient binnen vier weken na het opleggen van de straf en de kennisgeving daarover aan het lid, aanhangig te worden gemaakt bij de commissie van beroep door middel van een aangetekend schrijven gericht aan de secretaris van DVS’33 Ermelo. Indien niet binnen vier weken in beroep wordt gegaan, is de straf definitief. Indien het lid wel binnen vier weken in beroep gaat, dan doet de commissie van beroep binnen twee maanden een uitspraak.

Het beroep tegen een uitspraak van de tuchtcommissie en de door het bestuur opgelegde sanctie zal worden behandeld volgens het beroepsreglement van de commissie van beroep.

11. Informatieverstrekking
Het bestuur zal een aan een volwassene opgelegde straf geanonimiseerd openbaar bekend maken, tenzij de tuchtcommissie heeft bepaald dat openbaarmaking achterwege dient te blijven. De bekendmaking zal niet langer dan een kalendermaand zichtbaar zijn en dient voordat deze termijn verstreken is te worden verwijderd. Aan minderjarigen opgelegde sancties worden niet openbaar gemaakt. De tuchtcommissie zal jaarlijks verslag doen aan het bestuur van aantallen en aard van de behandelde tuchtzaken en opgelegde straffen. De secretaris van het bestuur neemt dit verslag op in het verenigingsverslag ten behoeve van de Ledenvergadering met inachtneming van de privacy van personen.

Ermelo, 1 augustus 2017
Bestuur DVS’33 Ermelo